De Publiekswissel

FC Vencimont - Bièvre 2 - 2  Een oud mannetje met een gebogen rug staat bij de ingang van het sportpark. Het is een grauwe grijze dag en ik stap met mijn mountainbike het Terrain de Vencimont op. Mijn helm knoop ik om mijn fiets en ik wandel langs het loket. Het oude mannetje mompelt iets in het Frans en ik geef hem vijf euro. Ik versta geen woord Frans, maar ik zag mijn voorganger ook vijf euro geven. Het geld verdwijnt in een rood kistje. Ik krijg geen entreebewijs. Ter hoogte van de middenlijn hangt een groot spandoek met de tekst: “Bienvenue l'enfer orange.” Een oranje rookpot wordt het veld op gegooid. Ik ben aanwezig bij een derby Ardennais. FC Vencimont neemt het op eigen sportpark op tegen Bièvre, blijkbaar een lokale rivaal. Puur toeval ben ik een nieuwe derby-ervaring rijker. Eentje die ik nog niet meemaakte. Zo sta ik diep in de Ardennen, bijna schurend tegen de Franse grens, te kijken naar twee lokale clubs. Dat had ik vooraf niet gedacht.

 

“Heb je al bevestiging gekregen van het bed and breakfast?” Dit weekend zitten een vriend en ik in de Ardennen met als voornaamste doel om te mountainbiken. Van het echte mountainbiken komt van mijn kant vrij weinig. Veel dingen gaan mis, maar toch ook weer niet. De bed and breakfast die wij in eerste instantie wilden boeken bleek vol te zijn. Een aantal emaitjes werden te laat gelezen en wij moesten op zoek naar een nieuwe slaapplaats. In het dorpje Grune was er naast de kerk nog een slaapplek. Overigens niet in een stalletje. De eigenaresse vroeg wel of we het erg vonden om het ontbijt over te slaan. Ze moesten naar Brussel en ze wilden om 8 uur in de ochtend vertrekken. De volgende vraag was of wij ook voor achten al het pand wilde verlaten. Dat schoot bij ons in het verkeerde keelgat. Je gasten, die tot rust willen komen in de Ardennen, vragen of ze al om 8 uur in de ochtend willen vertrekken. Notabene zonder ontbijt. Na enig volhouden kwam de oplossing vanzelf. Wij konden rond tien uur vertrekken en de buurvrouw zou de deur op slot komen draaien. Een minpunt voor het bed en breakfast dat toch goed stond aangeschreven.

 

Mountainbiken en een bezoek aan de abdij van Rochefort, waar het gelijknamige bier wordt gebrouwen, waren de hoofditems dit weekend. Rochefort is één van de acht Nederlandse en Belgische bieren die zich Trappist mogen noemen. Dat geldt alleen voor bieren die ook daadwerkelijk binnen de muren van het klooster worden gebrouwen. Zondagochtend bezoeken wij de Abbaye Notre-Dame de Saint-Remy. Wij zijn totaal niet Katholiek, maar toch zitten wij bij de Eucharistiedienst in de abdij van Rochefort. De brouwerij zelf is niet open voor bezoekers en de monniken werken daar in alle rust aan het bier. Wij doen het met een dienst en een hostie. Zeer interessant om een keer mee te maken. Met de kerkgangers loop ik mee naar voren om mijn hostie van de priester in ontvangst te nemen. Het zompige stukje koek neem ik in ontvangst, loop ermee en weg en stop het in mijn mond. Het blijkt niet de juiste manier te zijn. Katholieken lopen graag te koop met hun hostie. Bij aankomst in het houten bankje begint een kerkganger in het Frans te vragen of ik de hostie wel echt in mijn mond heb gedaan. Hij schut met zijn hoofd als ik uitleg dat ik er niets van versta. Binnen het katholicisme is het blijkbaar nodig om de hostie in het volle zicht van de gemeente op te eten. Het eten van een hostie is een avondmaal zonder het drinken van de wijn. Gelukkig heeft Luther deze gewoonte weten aan te passen binnen het protestantisme. Daar is het mogelijk om het droge stukje brood nog weg te spoelen met wijn. Bij het verlaten van de kerk zien wij de grote ketels waar het Rochefortbier wordt gebrouwen. Dat is een stuk belangrijker. Het avondmaal met een glas Rochefort, dat is wellicht een idee.

 

Op naar de mountainbikeverhuur. De dienst duurde iets langer dan een uur en de mountainbikeverhuur sluit om twaalf uur. Kwart over twaalf komen wij aan bij een gesloten deur van de verhuur. Dat betekent dat wij naar een andere oplossing moeten zoeken. Na een telefoontje worden wij naar Han-Sur-Lesse gestuurd. Ook daar vangen wij bot en wij worden bijna wanhopig. Gelukkig lukt het ons om in Beauraing een mountainbike te huren. Kosten: een tientje. Lekker goedkoop, maar daar is ook het materiaal naar.

Na twaalf kilometer hebben onze banden alleen nog maar asfalt gevoeld. Op de weg is het stil en ook in het dorpje Vencimont is weinig te beleven. In de lokale kroeg bestellen wij een Rochefort abdijbier en wat eten voor de inwendige mens. Plannen voor een mooi vervolg off-road worden gemaakt. Bij het pakken van de fietsen voel ik meteen dat het mis is. Een lekke band. Schroeven hebben wij niet bij ons, dus het vervangen van de binnenband is niet eens mogelijk. Dan hoor ik toeters en geschreeuw. “Het lijkt wel een voetbalwedstrijd,” zeg ik. “Ik ga wel naar het voetbal, dan vermaak ik mij wel, en dan kan jij de route vervolgen.” Het is het enige plan dat in ons opkomt en het blijkt geen verkeerde. Het dorpje Vencimont oogde uitgestorven, de weg naar het sportpark staat daarentegen vol met geparkeerde auto’s. Geheel toevallig sta ik bij een lokale Ardennese derby op het zevende niveau van België in de regionale competitie van de provincie Namen. De wedstrijd is net begonnen. Het schattige terrein, omringd door de bergen en bomen, is goed gevuld. Twee teams strijden tegen elkaar op het lokale veld. Het veld is nog slechter dan een omgeploegd weiland, het spel van een nog lager niveau en de scheidsrechter moet alles alleen doen. Grensrechters zijn niet aanwezig. Wellicht is dat normaal in deze klasse. Het vele publiek, een Leffe en de uitzichten op de bergen rondom het veld zorgen ervoor dat ik de lekke band snel vergeet. FC Vencimont lijkt met een 2 - 1 te gaan winnen totdat de keeper van de thuisploeg samen met zijn verdediging de tegenstander in het zadel helpen door een mooie blunder. Voor leeg doel kan de spits van Bièvre de gelijkmaker binnen schieten. Zo klinkt gejuich van de bezoekers en blijft deze derby onbeslist. Niet lang na het eindsignaal komt mijn fietscompagnon het terrein oplopen. Hij heeft niets met voetbal en vindt het al bijzonder dat hij nu een hamburger in een voetbalkantine staat te eten. Een beter moment voor een lekke band was er niet, gelukkig maar.